Eurosafe

Wet- en regelgeving voor werkgevers: veilig werken in de praktijk

Als werkgever wil je maar één ding: dat iedereen aan het eind van de werkdag weer gezond en veilig naar huis gaat. Maar door alle ingewikkelde wetsartikelen en juridische kaders zie je soms door de bomen het bos niet meer. Welke verantwoordelijkheden heb je nu echt? En wat wordt er concreet van je verwacht op de werkvloer?

Jouw wettelijke verplichtingen als werkgever staan in de Arbeidsomstandighedenwet (Arbowet), het Arbeidsomstandighedenbesluit (Arbobesluit) en het Burgerlijk Wetboek. Hieronder zetten we je belangrijkste verantwoordelijkheden helder en praktisch op een rij.

Arbowet en Arbeidsomstandighedenbesluit

De Arbowet en het Arbobesluit verplichten je om te zorgen voor een zo veilig en gezond mogelijke werkomgeving. Werk je op hoogte of in besloten ruimten? Dan verdienen deze tien punten extra aandacht.

1.     Bepaal je arbobeleid

Stel een arbeidsomstandighedenbeleid op waarin staat hoe jouw organisatie omgaat met veiligheids- en gezondheidsrisico's. Dit beleid zorgt dat werkzaamheden op hoogte of in een besloten ruimte geen nadelige gevolgen hebben voor de veiligheid en gezondheid van je medewerkers.

Let op: een beleid op papier is niet genoeg. Je gaat er ook actief mee aan de slag op de werkvloer. Pas als het beleid écht wordt nageleefd, voldoe je aan je verantwoordelijkheden en weet je dat jouw medewerkers veilig hun werk kunnen doen.

Denk op hoogte aan valgevaar, maar ook aan straling van telecommasten of een röntgenafdeling in een ziekenhuis. In een besloten ruimte lopen medewerkers risico op blootstelling aan schadelijke stoffen, hoge temperaturen, trillingen of valgevaar. Leg vast welke maatregelen je neemt om deze risico's voor je medewerkers te minimaliseren.

2.     Voer een RI&E uit

Laat een Risico Inventarisatie & Evaluatie (RI&E) uitvoeren en houd hem up-to-date. In het RI&E-rapport staan alle werkplekrisico's die jouw medewerkers tegenkomen tijdens hun werk. Denk aan niet-doorvalveilige lichtstraten, explosiegevaar of zuurstoftekort. Ook beschrijf je hierin welke maatregelen je treft om medewerkers te beschermen tegen deze gevaren en risico's. Onderbouw je maatregelen aan de hand van de arbeidshygiënische strategie.

Weeg de risico's zorgvuldig af. Zo stel je de juiste prioriteiten. Je RI&E leg je ter toetsing voor aan een arbodienst of een gecertificeerde deskundige. In de meeste gevallen is dit noodzakelijk om je RI&E juridisch geldig te maken.

3.     Stel een plan van aanpak op

Maak een Plan van Aanpak als onderdeel van je RI&E. Dit is jouw actieplan. Hierin leg je concreet vast wie binnen jouw organisatie welke maatregel neemt tegen risicovolle situaties, en wanneer deze klaar moet zijn. Denk aan het beschikbaar stellen van persoonlijke beschermingsmiddelen (pbm) zoals een harnas met veiligheidslijn of een helm, het vervangen van bijtende schoonmaakmiddelen door neutrale middelen, of het trainen van medewerkers in het redden en evacueren van een collega.

4.     Volg de arbeidshygiënische strategie

De wet verplicht je om risico's bij de bron aan te pakken. Bijvoorbeeld door een airco-unit op de begane grond te installeren in plaats van op het dak, of een tank van buitenaf te reinigen. Zo hoeven je medewerkers geen onderhoud op hoogte uit te voeren en betreden ze de tank niet. Je neemt daarmee het risico op vallen en verstikking weg.

Pas als dat écht niet mogelijk is, zak je af naar lagere niveaus binnen de strategie. Kies je voor een andere trede? Onderbouw die keuze dan goed. Individuele maatregelen, zoals een rail- of kabelsysteem of adembescherming, vragen extra competenties van de gebruiker. Onjuist gebruik brengt risico's met zich mee. Denk dus goed na voor je kiest.

Lees hier alles over arbeidshygiënische strategie.

5.     Houd rekening met je medewerkers

Iedere medewerker is anders. Pas werkplekken, werkmethoden, arbeidsmiddelen en de inhoud van het werk zoveel mogelijk aan op de persoonlijke eigenschappen van je medewerkers. Denk aan een tilhulp voor iemand met rugklachten, een harnasgordel in de juiste maat voor iemand die klein van stuk is, of een veiligheidsbril op sterkte bij een oogafwijking.

6.     Geef voorlichting, instructie en training

Veiligheidsmiddelen werken alleen als je medewerkers weten hoe ze die juist gebruiken. Als werkgever verplicht de wet je tot het geven van doeltreffende voorlichting en instructie. Veilig werken begint met de juiste training, gekoppeld aan echte werksituaties. Denk aan trainingen over het veilig gebruiken van persoonlijke beschermingsmiddelen zoals een valblok. Maar ook een training redden van een collega die in zijn harnas hangt. Je bent verantwoordelijk om te zorgen voor aantoonbare instructie en periodieke training.

7.     Keur en onderhoud installaties en PBM

Installaties en PBM die onderhevig zijn aan slijtage of invloeden van buitenaf, keur en onderhoud je periodiek. Houd deze wettelijke termijnen aan:

  • PBM (harnassen, valblokken, veiligheidslijnen): minimaal één keer per jaar keuren en onderhouden.

  • Betredings- en reddingsmiddelen voor besloten ruimtes (driepoten, davitarmen): minimaal één keer per jaar keuren en onderhouden.

  • Mechanisch bevestigde ankerpunten (onoverzichtelijke/onvoorspelbare bevestiging): minimaal één keer per jaar inspecteren en beproeven.

  • Ankerpunten voor rope access: minimaal elke zes maanden testen en keuren.

Let op: alleen een deskundige mag deze inspecties en het onderhoud uitvoeren. Soms is een gecertificeerde keurmeester wettelijk of volgens de fabrikant verplicht. Eurosafe is keurmeester voor een groot aanbod merken.

8.     Meld arbeidsongevallen

Ernstige arbeidsongevallen, zoals een ziekenhuisopname, blijvend letsel of een dodelijke afloop, meld je direct bij de Nederlandse Arbeidsinspectie. Alle overige ongevallen registreer je zorgvuldig in je eigen interne ongevallenregister.

9.     Voorkom gevaar voor derden

Jouw zorgplicht stopt niet bij je eigen personeel. Je voorkomt dat voorbijgangers, omstanders of onderaannemers gevaar lopen door jouw werkzaamheden. Maken je medewerkers bijvoorbeeld een LPG-tank gasvrij? Zet dan de omgeving af en informeer derden vooraf, zodat zij geen gezondheids- of veiligheidsrisico lopen. Hetzelfde geldt voor werk op hoogte waarbij materiaal of gereedschap kan vallen en een omstander kan raken.

10.  Houd toezicht

Regels en middelen beschikbaar stellen is niet genoeg. Als werkgever zie je er actief op toe dat veiligheidsmaatregelen op de werkvloer ook echt worden nageleefd.

Het Burgerlijk Wetboek

Naast de Arbowet stelt het Burgerlijk Wetboek aanvullende eisen aan jouw rol als werkgever. Dit draait vooral om zorgplicht en aansprakelijkheid.

1.     Voorkom schade

Je richt de werkplek, apparatuur en gereedschappen zo in, en onderhoudt ze zo, dat medewerkers tijdens hun werk geen schade of letsel oplopen. Dit geldt ook voor het opleiden van je medewerkers. Dit sluit aan bij de punten 6, 7 en 10 uit de Arbowet.

2.     Je bent aansprakelijk voor schade

Lijdt een medewerker schade tijdens zijn werk? Dan ben je daarvoor aansprakelijk. Tenzij je kunt aantonen dat je bovenstaande verplichtingen bent nagekomen, of dat de schade grotendeels het gevolg is van opzet of bewuste roekeloosheid van de medewerker zelf. Kortom: je toont aan dat je als goed werkgever hebt gehandeld.

3.     Ook zonder arbeidsovereenkomst ben je aansprakelijk

Laat je werkzaamheden uitvoeren door mensen zonder arbeidsovereenkomst, zoals zzp'ers, uitzendkrachten of vrijwilligers? Ook dan geldt jouw zorgplicht. Je bent aansprakelijk voor eventuele schade die zij tijdens hun werk oplopen.

Welke rollen kun je nog meer hebben als werkgever?

Als leidinggevende, directeur of preventiemedewerker vervul je vaak meerdere rollen tegelijk. Bekijk ook wat de wet van je vraagt in deze specifieke rollen.

  • Werknemer: ben je zelf in dienst van een organisatie? Dan heb je naast rechten ook specifieke veiligheidsplichten.

  • Opdrachtgever: huur je externe partijen of aannemers in? Dan draag je verantwoordelijkheid voor een veilige keten.

  • Opdrachtnemer: voer je opdrachten uit voor derden of detacheer je personeel? Dan gelden er specifieke afspraken over veiligheid.

  • (Gebouw)eigenaar: als eigenaar van een pand, terrein of bouwwerk ben je verantwoordelijk voor de constructieve en bouwkundige veiligheid (zoals veilige daktoegang).

  • Beheerder: beheer je een gebouw of terrein namens de eigenaar? Dan zorg je voor het veilige onderhoud en beheer van de voorzieningen.

Hulp nodig bij het praktisch inrichten van jouw veiligheidsbeleid?

Wil je dat jouw organisatie juridisch volledig compliant is en dat je medewerkers écht veilig werken? Eurosafe helpt je met praktische RI&E's, advies over de arbeidshygiënische strategie, periodieke keuringen en gerichte trainingen.

Bel, mail en volg ons

Bel ons

Je kunt ons bereiken van maandag tot en met vrijdag van 08:00 tot 17:00.
+31 (0) 38 467 19 10

Stuur een e-mail

We doen ons best binnen 1 werkdag te antwoorden.
info@eurosafe.eu

Bekijk onze socials

Vind en volg ons op Instagram, Facebook en LinkedIn.
Volg ons op LinkedIn

Altijd op de hoogte

Meer nieuws, meer kennis, meer veiligheid. Schrijf je in voor de Eurosafe Nieuwsbrief en je krijgt elk kwartaal meer van alles.
Captcha is loading...
man op dak met harnas en helm